Skip to content

Geen cassatie tegen recht van bezwaar werknemer tegen aan werkgever opgelegde naheffingsaanslag LH. Annotatie NTFR 2016/2714

Ter zake van aan belanghebbende betaalde bonussen heeft de inspecteur met dagtekening van 26 februari 2014 aan de werkgever van belanghebbende (een bv) een naheffingsaanslag LB/PVV 2008 opgelegd. Hiertegen heeft belanghebbende bezwaar aangetekend. De inspecteur en Rechtbank Gelderland (16 juli 2015, nr. 14/6519) hebben dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat belanghebbende geen belanghebbende zou zijn in de zin van art. 26a AWR. Volgens het hof is die visie echter onjuist.

Hof Arnhem-Leeuwarden (2 augustus 2016, nr. 15/01206, NTFR 2016/2337) stelt voorop dat het hier niet gaat om naheffing van eindheffingsbestanddelen. Er is namelijk sprake van een situatie van verhaalde loonheffing. Bij een dergelijke situatie is sprake van een eigen, uit de Belastingwet voortvloeiende verplichting van de werknemer. De op belanghebbende verhaalde loonheffing dient volgens het hof te worden aangemerkt als te zijn ingehouden in de zin van art. 26a, lid 1, onderdeel b, AWR.

Nu ten aanzien van de aan de werkgever opgelegde naheffingsaanslag voor belanghebbende sprake is van een eigen, uit de wet voortvloeiende verplichting, heeft hij volgens het hof het recht om – naast de werkgever – tegen de naheffingsaanslag het rechtsmiddel van bezwaar aan te wenden.

Lees verder: Geen cassatie tegen recht van bezwaar werknemer tegen aan werkgever opgelegde naheffingsaanslag LH. Annotatie NTFR 2016/2714

Gepubliceerd door onze specialist:

A.A. (Anke) Feenstra