Skip to content

#398 De belastingcontroleur als stalker

10 March 2025

De Belastingdienst besteedt veel tijd en aandacht aan het achterhalen van zwart vermogen. Daartoe beschikt de belastingcontroleur over een arsenaal aan mogelijkheden om informatie te verkrijgen. Die bevoegdheden zijn op de wet gebaseerd. Bij de uitoefening daarvan dienen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht genomen te worden. Soms wordt zelfs de FIOD ingezet om informatie te bemachtigen.

Belastingplichtigen die niet (volledig) willen of kunnen meewerken aan het verstrekken van informatie, of ontkennen over die informatie te (kunnen) beschikken, zijn een doorn in het oog van de fiscus. Zij kunnen rekenen op een stevige aanpak. Maar gaat de fiscus daarin niet te ver?

Onlangs (Besluit van 27 februari 2025) zijn op grond van de Woo (Wet open overheid) stukken openbaar gemaakt die zien op de aanpak van zogenoemde ā€œweigeraars en ontkennersā€. Kennelijk was gevraagd naar documenten die zien op het specialistenteam dat zich binnen de Belastingdienst met weigeraars en ontkenners bezighoudt. De zoekslag leverde diverse documenten op die deels openbaar zijn gemaakt en deels ook niet (vanwege een aantal weigeringsgronden). De stukken geven een aardig kijkje in de keuken.

Er wordt een duidelijke verschuiving gesignaleerd van belastingplichtigen die zich vrijwillig melden naar belastingplichtigen die door de Belastingdienst worden opgespoord. Met andere woorden: steeds minder belastingplichtigen geven hun zwarte vermogen alsnog vrijwillig aan bij de fiscus. Als een oorzaak hiervan wordt de versobering van de inkeerregels genoemd.

De inkeerregeling is in de afgelopen jaren inderdaad behoorlijk uitgekleed. In het verleden werd helemaal geen boete opgelegd als zwart vermogen of inkomen alsnog vrijwillig werd aangegeven. Daarmee werden belastingplichtigen aangemoedigd hun zwarte geld alsnog aan te geven, zonder te behoeven vrezen voor een boete. Zo kon worden voorkomen dat belastingplichtigen zich ieder jaar als het ware ā€œgedwongen voeldenā€ om opnieuw geen aangifte te doen van in het verleden verzwegen inkomen of vermogen.

Dat is nu wel anders. De fiscus heeft nu wel de mogelijkheid om boetes op te leggen. Deze worden vanwege het gebruik van de inkeerregeling gematigd, maar kunnen nog steeds hoog oplopen. Dat kan belastingplichtigen ervan weerhouden alsnog aangifte te doen, hetgeen – gezien de geopenbaarde stukken – door de fiscus wordt gesignaleerd. Minder mensen die zich vrijwillig melden dus.

En degenen die toch op de radar van de fiscus komen, bieden steeds meer weerstand, zo luiden de stukken, daarbij ā€œveelal bijgestaan door fiscale rechtsbijstandverleners.ā€

Dat laatste is opmerkelijk. Een advocaat of andere rechtsbijstandverlener mag een cliƫnt niet helpen met het achterhouden van informatie die de cliƫnt wettelijk verplicht is te verstrekken. Dat is zelfs strafbaar en kan leiden tot een strafvervolging van de adviseur of advocaat. Of rechtsbijstandverleners zich daadwerkelijk schuldig maken aan dat soort praktijken, leren de stukken niet. Het kan natuurlijk ook zijn dat de rechtsbijstand die tijdens een onderzoek van de fiscus wordt verleend als weerstand wordt ervaren. Dat is iets anders.

Terug naar de geopenbaarde stukken. Die laten zien dat een stevige en gestructureerde aanpak van ontkenners en weigeraars wordt voorgestaan. Doorpakken is het devies. Ook is een ā€œTaskforce Verhuld Vermogenā€ in het leven geroepen. In ƩƩn van de stukken vraagt men zich hardop af welke naam aan de taskforce gegeven moet worden en of de naam een negatief beeld oproept als die bekend wordt. In ieder geval moet de uitstraling zijn dat adviseurs en advocaten weten dat ze zwaar tegenspel van de fiscus gaan krijgen als de taskforce bij een zaak betrokken wordt. Men doet aan heuse imagebuilding.

Tussen de stukken zit ook een ā€œbelscriptā€, bedoeld als handvat om in contact te komen met belastingplichtigen en ook te blijven tot de gewenste informatie is verkregen. In het script worden allerlei mogelijke reacties van belastingplichtigen genoemd als die aan de telefoon zijn en hoe daarop dan (direct) kan worden gereageerd.

Als niet voldoende wordt meegewerkt, wordt een post overgedragen aan de ā€œSpecialistengroep weigeraars/ontkenners Verhuld Vermogenā€. Deze specialistengroep wordt vergeleken met het team bijzonder beheer bij banken, zodat het de belastingplichtige en zijn rechtsbijstandverlener duidelijk is ā€œdat de Belastingdienst hem de aanpak en aandacht geeft die hij verdient.ā€

In de stukken wordt het ā€œ(fiscale) instrumentariumā€ genoemd waarvan de specialistengroep gebruik kan maken. Dat zijn de reguliere op de wet gebaseerde bevoegdheden. Niets nieuws onder de zon.

Verder wordt evenwel ook gewezen op zogenoemde ā€œandere mogelijkhedenā€. Genoemd worden ā€œstalken en gijzeling (aan het eind van het traject).ā€ Mag de fiscus stalken en gijzelen?

Om met de laatste te beginnen. De ontvanger van de Belastingdienst kan lijfsdwang (gijzeling) als uiterste middel inzetten om een belastingschuldige tot betaling te dwingen. Daar komt altijd een rechter aan te pas. De ontvanger kan een belastingschuldige dus niet zo maar op eigen houtje achter de tralies zetten.

Maar wat wordt bedoeld met stalken? Is dat niet strafbaar? In artikel 285b van het Wetboek van Strafrecht is ā€œstalkingā€, (daar belaging) genoemd, strafbaar gesteld als misdrijf. Het moet dan gaan om een wederrechtelijke stelselmatige inbreuk op iemands persoonlijke levenssfeer.

Nu zou de al te ijverige controleur van de Belastingdienst kunnen stellen dat diens stalken van een belastingplichtige niet wederrechtelijk is. Daar zou de controleur een punt kunnen hebben. Maar niettemin, stalken moet je als behoorlijk handelende overheid niet willen. Het doet denken aan de controleur die onverhoeds achter een boom tevoorschijn springt en de nietsvermoedende burger met vragen overrompelt.

Dat is niet in overeenstemming met wat je van een behoorlijk handelende overheid mag verwachten en moet dus ook niet in (interne) stukken worden vermeld als mogelijkheid om iemand tot het verstrekken van informatie te dwingen. Ook ā€œweigeraars en ontkennersā€ verdienen een respectvolle bejegening.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met Peter van Hagen.

Gepubliceerd door onze specialist:

P.J. (Peter) van Hagen