Nederland gaat in 2017 voor de eerste keer financiële gegevens uitwisselen over het jaar 2016 onder de door de OESO ontwikkelde Common Reporting Standard (CRS). De CRS is in Nederland geïmplementeerd in de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen (WIB) en het Uitvoeringsbesluit identificatie- en rapportage voorschriften CRS. Daarnaast gaat Nederland in 2017 ook voor de eerste keer gegevens uitwisselen onder de Richtlijn 2014/107/EU (DAC 2), waarin de EU de CRS heeft opgenomen. Ook de DAC 2 is in Nederland geïmplementeerd in de WIB.
De inlichtingen die automatisch door de fiscale autoriteiten in de verschillende deelnemende rechtsgebieden zullen worden uitgewisseld, betreffen gegevens over financiĆ«le rekeningen die door natuurlijke personen of door entiteiten worden gehouden bij financiĆ«le instellingen in een ander land dan het land waar de rekeninghouder fiscaal woont.Ā
Uitwisseling van en naar Nederland zal dus concreet plaatsvinden met de EU-lidstaten. Met de volgende niet EU-landen heeft Nederland ingevolge art 2a, eerste lid, onderdeel f, onder 2, van de WIB, een overeenkomst tot het uitwisselen van CRS-informatie vanaf 2017: Argentiniƫ, Bermuda, Britse Maagdeneilanden, Farƶer- Eilanden, Groenland, Guernsey, IJsland, India, Jersey, Kaaimaneilanden, Korea, Man, Mexico, Noorwegen, Seychellen, Turkse en Caicos Eilanden en Zuid-Afrika.
Daarnaast gaat Nederland in 2017 CRS-informatie uitwisselen met de volgende twee in Europa gelegen staten; San Marino en Liechtenstein. De EU heeft met Andorra, Monaco en Zwitserland overeenkomsten gesloten op basis waarvan in 2018 financiƫle informatie zal worden uitgewisseld over het jaar 2017.
In onze praktijk is gebleken dat in verschillende landen enige jaren geleden financiƫle producten zijn aangeboden, die niet onder de spaarrenterichtlijn vielen en waarover dus geen informatie werd uitgewisseld. Een aantal producten blijkt nu wƩl onder de Common reporting standard te moeten worden doorgegeven aan de belastingdienst.
Daarnaast verwachten wij dat de nodige discussie zal kunnen ontstaan over de fiscale woonplaats. Financiƫle instellingen zijn reeds op basis van bepaalde indicatoren verplicht om gegevens aan de lokale belastingdienst te verstrekken. Deze indicatoren zijn bijvoorbeeld:
Een of meer telefoonnummers in een deelnemend rechtsgebied en geen telefoonnummer in het deelnemende rechtsgebied van de rapporterende instelling;
Vaste instructies (anders dan ten aanzien van een depositorekening) om gelden over te maken naar een rekening aangehouden in een deelnemend rechtsgebied;
Geldige volmacht of tekenbevoegdheid verleend aan een persoon met een adres in een deelnemend rechtsgebied.
Deze indicatoren staan in geen verhouding met de vele uitvoerige discussies die in de rechtspraak zijn gevoerd over de bepaling van iemands fiscale woonplaats.
Kortom, indien uw financiƫle instelling in de eerdergenoemde landen nog geen contact met u heeft opgenomen om uw gegevens te verifiƫren, kan het de moeite lonen om zelf na te gaan of de gegevens van uw financiƫle producten in het buitenland worden uitgewisseld en zo ja, aan welke staat.