De inspecteur heeft in een beroepsprocedure een verweerschrift ingediend. Een deel van de bijlagen is door de inspecteur geschoond. De ongeschoonde versies van deze bijlagen zijn door de inspecteur afzonderlijk van het verweerschrift ingediend met het verzoek om geheimhouding. De rechtbank oordeelt ten eerste dat belanghebbende niet heeft ingestemd met de geheimhouding. In dat geval kan alleen sprake zijn van een beperkte kennisneming, waarbij alleen de rechtbank, maar niet de wederpartij, de stukken kan inzien. De rechtbank zal het verzoek als dusdanig beoordelen en daarbij een belangenafweging maken. Indien bepaalde gegevens geheim mogen blijven, dan moeten de hieruit voortvloeiende problemen voor belanghebbende door de rechter in de hoofdzaak worden gecompenseerd. Dit kan bijvoorbeeld tot uitdrukking komen in de bewijslastverdeling. Ook oordeelt de rechtbank dat getuigenverklaring alleen betrouwbaar is als de naam van de getuige bekend is.
Lees verder: Getuigenverklaring alleen betrouwbaar als naam getuige bekend is, Annotatie NTFR 2020/1606