Skip to content

#413 Cash is no longer king: verbod op contante betalingen boven €3.000 wordt de nieuwe uitdaging in de Wwft

23 June 2025

Op 10 juni 2025 stemde de Eerste Kamer in met het wetsvoorstel [1] dat handelaren verbiedt om nog langer contante betalingen van €3.000 of meer te accepteren of om daarmee te betalen. Overtreding van deze bepaling is niet alleen een beboetbare overtreding, maar levert onder omstandigheden ook een strafbaar feit op, en dat geldt niet alleen voor de handelaar zelf. Ook voor de zogenaamde poortwachters ontstaat een nieuwe uitdaging om deze verbodsbepaling te implementeren in de dagelijkse praktijk. Wat betekent dit voor het Wwft-beleid van de belastingadviseur en accountant?

De adviseur als poortwachter

Hoewel belastingadviseurs en accountants geen partij zijn bij de betaling zelf, komen zij vaak op enig moment wel op de hoogte van de voorbereiding, verwerking of fiscale afwikkeling van de onderliggende transactie. Wordt die transactie contant afgerekend en is het bedrag te hoog, dan heeft dat niet alleen juridische, maar ook praktische implicaties. De adviseur zal voortaan scherper moeten letten op hoe zijn cliënt zaken doet, en hoe na 1 januari 2026 om te gaan met betalingen van leveranciers en afnemers die daarvóór wel contant met € 3.000 of meer betaalden. Dat vraagt om waakzaamheid én documentatie.

Overigens geldt de verbodsbepaling nog enkel voor handelaren, dus niet voor particulieren of voor dienstverleners. Na inwerkingtreding van het nieuwe EU-pakket aan maatregelen in 2027 zal er ook een verbodsbepaling voor dienstverleners volgen.

Vijf praktische gevolgen voor de adviespraktijk

1. Cliëntenonderzoek wordt concreter

Waar eerder vooral naar branche, regio of structuur werd gekeken, zal nu ook de betalingswijze bij transacties een expliciete risicofactor worden. Cliënten die met regelmaat grote contante bedragen gebruiken, kunnen voor adviseurs een verhoogd risico vormen. Het wordt nog belangrijker om alert te zijn op samenhangende transacties, die tezamen de grens van € 3.000 overschrijden. De kaders daarvoor zijn nog erg diffuus. In de grensstreek met Duitsland, waar nog geen contant geld verbod geldt, zal ook alertheid zijn geboden.

2. Dossierplicht bij contante transacties

Wordt u als adviseur op de hoogte gesteld van een grote contante betaling? Dan is het verstandig dit schriftelijk vast te leggen en de herkomst van het geld te bevragen. Een goed opgebouwd dossier kan het verschil maken tussen ‘signalerend’ of ‘passief meewerkend’. Kort na de invoering zal er mogelijk nog wel enige coulance worden betracht door toezichthouders, maar bij deze wetswijziging is er uitdrukkelijk aandacht om de naleving ervan zo snel mogelijk te waarborgen.

3. Melding ongebruikelijke transacties

Cashbetalingen van of boven € 3.000 zijn na invoering van de verbodsbepaling strafbaar en daarmee nagenoeg automatisch meldplichtig, zij het nog steeds op basis van de subjectieve indicator. Een adviseur die een dergelijke betaling signaleert, maar geen melding doet bij de FIU, kan bij een later onderzoek onder druk komen te staan.

4. Fiscale en strafrechtelijke verwevenheid

Bij correcties in de administratie of bij het opstellen van aangiften waarin contant betaalde activa worden verwerkt, kan de adviseur onbedoeld een rol spelen in het verhullen van de contante herkomst. Dat maakt zorgvuldigheid essentieel.

5. Civiele aansprakelijkheid bij nalatigheid

Niet alleen strafrechtelijke risico’s nemen toe. Indien cliënten schade lijden als gevolg van een fiscale boete of strafvervolging waarbij de adviseur had moeten wijzen op deze verbodsbepaling, kan ook civielrechtelijke aansprakelijkheid op de loer liggen. Het is dus van belang om deze wetswijziging expliciet onder de aandacht te brengen bij klanten die met cash betalingen werken, zowel degenen die eerder grotere bedragen accepteerden (en daarmee als Wwft-instelling kwalificeerden) als klanten die dergelijke bedragen niet accepteerden, maar nu wel boven de grens zouden kunnen uitkomen.

Kanttekening

Hoewel het doel van de wet, het tegengaan van witwassen en ondermijning, begrijpelijk is, schuift de norm steeds verder in de richting van private naleving. De rol van de belastingadviseur of accountant als poortwachter wordt informeler, maar tegelijk zwaarder. Dat roept vragen op. Wanneer heeft u als adviseur “voldoende gedaan”? Wanneer bent u medeplichtig of juist naïef? En wat is uw rol bij het begeleiden van cliënten die, al dan niet onbedoeld, een verboden contante betaling hebben gedaan?

Zolang deze vragen niet zijn uitgekristalliseerd, ligt het risico op overrapportage en defensief adviesgedrag op de loer. Maar dat kan niet de bedoeling zijn van een wet die juist helderheid moet verschaffen.

Tot slot

Contant geld is niet verboden, maar wordt wel steeds ongebruikelijker in het betalingsverkeer.[2] De adviseur hoeft geen opsporingsambtenaar te zijn, maar moet wél weten wanneer hij zijn positie moet markeren. Met deze wetswijziging wordt die grens enerzijds scherper, vanwege het duidelijke verbod, maar anderzijds ook onduidelijker, omdat wijzigingen in de Wwft altijd een waterbedeffect hebben. Het signaleren van een samenstel van handelingen zal een grotere uitdaging gaan vormen.

 

Meer weten over contante betalingen boven €3.000 en Wwft? Neem dan contact met ons op of lees onze andere artikelen over dit onderwerp.

[1] Eerste Kamer der Staten-Generaal
[2] #388: Contante betalingen: cash in crisis 

Gepubliceerd door onze specialist:

A.A. (Anke) Feenstra