Skip to content

#142 De “VAT Gap”, een vertekend beeld voor anti-fraudemaatregelen?

19 november 2019

Een samenvatting van het rapport

 

In opdracht van de Europese Commissie onderzoekt CASE (Center for Social and Economic Research) jaarlijks het verschil tussen de verwachte btw-inkomsten en het daadwerkelijk geïnde bedrag aan btw in een lidstaat. Op die manier wordt inzicht gegeven in het totale bedrag dat aan btw op jaarbasis verloren gaat in de EU.[1]

De totale omzetbelastingverplichting van alle lidstaten samen is voor 2017 geschat op ruim 1,22 biljoen euro. Als dat wordt afgezet tegen de daadwerkelijk geïnde btw van 1,08 biljoen euro in 2017 dan is de btw-kloof in 2017 11,2%. Dat betekent een daling van 1% ten opzichte van 2016, een absolute afname van 8 miljard euro. 

De btw-kloof varieert van 0,6% van de geschatte belastingverplichting in Cyprus tot een btw-kloof van 35,5% in Roemenië. Roemenië voert daarmee samen met Griekenland (33,6%) en Litouwen (25,3%) de lijst aan.

In slechts drie landen is de btw-kloof in 2017 verder gegroeid, een stijging in Griekenland (2,6%), Letland (1,9%) en een lichte stijging in Duitsland (0,2%). De andere 25 landen laten een daling van de btw-kloof zien.

Voor Nederland geldt dat de btw-kloof in 2017 is afgenomen met 0,5%, wat met zich meebrengt dat Nederland een btw-kloof van 5,2% heeft in 2017. Dat is een bedrag van ruim 2,7 miljard euro dat Nederland aan btw is misgelopen.

Deze dalende trend is al langer zichtbaar, de btw-kloof in Nederland is sinds 2013 met ruim 5% afgenomen. Voor het eerst wordt dit jaar in het rapport ook een verwachting van de btw-kloof geschetst voor het volgende jaar. De voorspelling van CASE voor Nederland is dat de dalende trend van de btw-kloof zich in 2018 zal voortzetten tot 4%.

 

Een eerste kritische noot

Het bedrag van 137,5 miljard euro is enorm en roept vanzelfsprekend op tot actie. Volgens de commissaris voor Economische en Financiële zaken, Belastingen en Douane, Pierre Moscovici is voor een substantiële afname van de btw-kloof een grondige hervorming van het btw-stelsel nodig zodat het stelsel fraudebestendiger wordt. Enige nuance achten wij daarbij wel noodzakelijk. Voordat de btw-regels worden aangepast, zoals verleggingsregelingen die worden doorgevoerd om fraude te voorkomen, moet eerst duidelijk worden welk bedrag daadwerkelijk gemoeid is met deze fraude.

De btw-kloof kan daarvoor niet één op één als uitgangspunt worden genomen nu deze niet enkel wordt veroorzaakt door fraude. De btw-kloof betreft de schatting van het inkomstenverlies door belastingfraude, belastingontwijking, maar ook door faillissementen, financiële insolventies of misrekeningen. Uit het rapport blijkt niet hoeveel btw er daadwerkelijk verloren gaat door fraude.

Nog belangrijker is dat ook niet bekend is hoeveel een lidstaat extra aan btw-inkomsten genereert doordat in een andere lidstaat fraude is gepleegd. Zo kan de Nederlandse Belastingdienst het recht op aftrek, een vrijstelling of een teruggaaf van btw weigeren indien een belastingplichtige deelnam aan belastingfraude en hij wist of had moeten weten dat hij daaraan deelnam (Italmoda). Nederland genereert door het opsporen van fraude extra btw-inkomsten, in tegenstelling tot het land waar de fraude plaatsvindt, waar btw-inkomsten worden misgelopen.

Leidt deze “anti-fraude-oproep” niet ten onrechte tot extra administratieve lasten en risico’s voor ondernemers en belastingadviseurs? Denk maar eens aan de per 1 januari 2020 ingevoerde anti-fraudemaatregel waardoor het btw-identificatienummer als “materiële” voorwaarde moet gaan gelden. Deze maatregel verplicht ondernemers alle btw-identificatienummers van afnemers in hun (ERP-)systeem vast te leggen en btw-identificatienummers op periodieke basis te valideren in het VIES-systeem. Daarnaast gaat via de achterdeur een correcte Opgaaf ICP (eveneens) als voorwaarde gelden voor het mogen toepassen van de vrijstelling bij intracommunautaire leveringen. Deze dubbele controle met extra administratieve lasten leidt volgens ons tot een overkill. Het is dan ook te verwachten dat  nationale belastingautoriteiten eerder over zullen gaan tot het weigeren van de vrijstelling bij intracommunautaire leveringen omdat niet wordt voldaan aan alle administratieve verplichtingen.

Kortom, de publicatie van het rapport zal voor lidstaten waarschijnlijk aanleiding zijn voor het invoeren van meer anti-fraudemaatregelen. Voordat daartoe wordt overgegaan, zal eerst duidelijk moeten zijn welk gedeelte van de btw-kloof aan btw-fraude valt toe rekenen. Voor meer informatie over dit onderwerp verwijzen wij u naar het artikel in het BTW Bulletin van mr. R. (Ron) Jeronimus en D.C. (Diede) Molenaars dat binnenkort wordt gepubliceerd.

 

 

 

 

[1] https://www.case-research.eu/en/study-and-reports-on-the-vat-gap-in-the-eu-28-member-states-2019-final-report-101194