Skip to content

#190 Mediationwetgeving: klaar voor de start!

02 november 2020

Inleiding

2020 begon met hoopgevend nieuws op het gebied van mediation: de Minister voor Rechtsbescher­ming, Sander Dekker, kondigde op 20 januari aan dat hij mediation een wettelijke basis wil geven.

De bedoeling van de minister is dat er een wettelijk register komt voor mediators om de kwaliteit te waarborgen. Ook komt er een verschoningsrecht voor beëdigde mediators. Het doel van de plannen is met name te bevorderen dat geschillen op een zo bestendig, passend en efficiënt mogelijke wijze worden opgelost, zowel gerechtelijk als buitengerechtelijk. Wat ons betreft is dit bij uitstek van belang voor langdurige en complexe fiscale (straf)zaken.

Ruim een half jaar later is het mediationwetgevingstraject inmiddels in volle gang, een mooi moment om de ontwikkelingen op dit terrein te beschouwen.

Ontwikkelingen mediationwetgeving

Na de aankondiging van de minister in januari van dit jaar, heeft het wetgevingstraject niet stil gelegen. Diverse beroepsgroepen hebben in de afgelopen periode de gelegenheid gehad hun visie en ervaringen uit de praktijk te delen door informele consultaties. Deze informele consultaties bevinden zich momenteel in de laatste fase, waarna een open consultatie zal worden gehouden.

Eerder hebben we al gezien dat sterk uiteenlopende reacties onder de beroepsorganisaties  pogingen tot mediationwetgeving hebben doen stranden. Iedere zaak vraagt om een andere aanpak waar mediation het afwegen waard is. Des te meer is het van belang dat de wetgeving voor mediation er eindelijk komt, zeker voor cliënten. Met de open consultatie in het vooruitzicht is dit dan ook een oproep aan de beroepsorganisaties op het terrein van mediation om hieraan bij te dragen. Het is daarin belangrijk dat deze beroepsorganisaties het belang waar ze voor staan voor ogen houden, namelijk het stimuleren van mediation. Daar is wetgeving voor nodig – in welke vorm dan ook – om zo de inzet van mediation doeltreffender te maken.

Noodzaak in fiscale zaken

Een wettelijke verankering van mediation lijkt met name in fiscale zaken noodzakelijk. Al sinds 2005 bestaat de mogelijkheid om mediation in te zetten in fiscale zaken. Als gevolg van het succes van de pilot is de mogelijkheid om mediation bij fiscale geschillen in te zetten geïntrodu­ceerd. Elke rechterlijke instantie heeft zelfs een mediationfunctionaris. Toch blijkt in de praktijk dat er terughoudend mee wordt omgegaan. Onze kantoorgenoot Roelof Vos constateerde dat in 2017 al in een interview voor het vakblad van het Register Belastingadviseurs.[1] Voorwaarde is namelijk dat beide partijen tot mediation bereid zijn. We zien echter dat met name de Belastingdienst nog de kat uit de boom kijkt.

Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld België waar mediation in fiscale zaken een groot succes is, zo blijkt onder meer uit het meeste recente Jaarverslag van de Belgische Fiscale Bemiddelings­dienst.[2] In het Nederlands-Vlaams Tijdschrift voor Mediation en Conflict­management besteden onze kantoorgenoten Roelof Vos en Diede Molenaars binnenkort aandacht aan deze vergelijking met ons buurland, waar mediation in fiscale zaken wettelijk is verankerd. Zou dat dan inderdaad de oplossing zijn? Wij denken van wel.

Mediation in strafzaken

In commune strafzaken, waar artikel 51h Wetboek van Strafvordering de mogelijkheid biedt om mediation in te zetten, is het effect van wettelijke verankering ook duidelijk zichtbaar. Met  1.472 strafzaken die in 2019 werden aangemeld voor mediation, worden steeds meer zaken op een andere wijze dan het reguliere strafproces afgedaan.[3]

Eerder hebben wij al de vraag gesteld of mediation ook in het bijzonder strafrecht een vorm van geschiloplossing kan zijn. In de wandelgangen zijn nu de eerste echte geluiden te horen om de inzet van mediation in fiscale strafzaken te beproeven. Dit vormt een mooie ontwikkeling nu juist in complexe fiscale zaken mediation kan helpen om tot een passende, bestendige, maar zeker ook efficiënte oplossing te komen. Ook kan mediation bijdragen aan het oplossen van het capaciteitsgebrek bij het Openbaar Ministerie en de overbelasting bij de rechtbanken.

Tot slot

Iedere zaak vraagt om een andere aanpak. Het is dan ook belangrijk om alle vormen van geschilbeslechting af te wegen, om zo altijd tot een voor de cliënt passende en efficiënte oplossing te komen. Wij volgen deze ontwikkelingen van alternatieve beslechting op de voet en zijn in elk geval klaar voor de start.

De mediationwetgeving laat nog even op zich wachten, maar wij wachten geduldig deze laatste fase af tot het (wettelijke) startsein wordt gegeven. En ook tot die tijd blijft de oproep om mediation ter harte te nemen en in te zetten waar dit mogelijk is.

[1] Lex van Almelo en Sylvester Schenk, Het Interview met advocaat en mediator Roelof Vos: ‘Mogelijkheden mediation vaak onbenut’, Het Register 2017/03

[2] Fiscale Bemiddelingsdienst (FBD) Jaarverslag 2019

[3] Jaarverslag de Rechtspraak 2019