Spring naar content

Vaklunch #677: Advocatuur vs. OM over de filteringsprocedure: velt de Hoge Raad het Salomonsoordeel?

03 september 2026

Op 8 juli 2026 zijn Woo-stukken naar buiten gekomen die inzicht geven in het overleg tussen onder meer de Raad voor de Rechtspraak, het Openbaar Ministerie en de Nederlandse Orde van Advocaten over de Tweede Aanvullingswet bij het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Deze stukken leggen duidelijk de verdeeldheid bloot tussen het OM en de NOvA over de voorgestelde vormgeving van het filterproces van verschoningsgerechtigde informatie in het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Deze verdeeldheid ziet deels op een verschillende interpretatie van de prejudiciële beslissing van de Hoge Raad uit 2024.

Lees alvast een voorproefje:

Maar eerst een korte opfrisser over het huidige filterproces. Als bij een doorzoeking gegevensdragers in beslag worden genomen, kunnen daarop verschoningsgerechtigde gegevens staan die eerst moeten worden gefilterd. De Hoge Raad heeft in 2024 bij de beantwoording van prejudiciële vragen een ‘centrale rol’ toegekend aan de rechter-commissaris bij deze selectie. Dat houdt in dat kennisneming van geprivilegieerde gegevens door of onder verantwoordelijkheid van de rechter-commissaris moet plaatsvinden – in de praktijk vaak FIOD-medewerkers die niet bij het onderzoek betrokken zijn. Verder mag alleen de rechter-commissaris inhoudelijk beoordelen of sprake is van geprivilegieerde gegevens. Ook de Aanwijzing waarborgen professioneel verschoningsrecht uit 2025 bepaalt dat het OM en opsporingsinstanties geen kennis mogen nemen van verschoningsgerechtigde gegevens; dat is voorbehouden aan de rechter-commissaris.

Lees hier het volledige artikel.

Gepubliceerd door onze specialist:

Mr. M.T.R. (Martijn) Vos