Spring naar content

Gewikt en gewogen: de vergoeding van advocaatkosten (530 Sv). TBS&H 2022, nr 1

Met een vrijspraak of sepot is de titanenstrijd geleverd. De cliënt slaakt dan vaak een zucht van verlichting. Helaas vangt daarna dikwijls gelijk weer de volgende strijd aan, namelijk de strijd om vergoeding van advocaatkosten (onder andere de kosten van rechtsbijstand) (artikel 530 Sv). De strafrechter toetst in deze procedure of gronden van billijkheid aanwezig zijn om aan de gewezen verdachte een schadevergoeding toe te kennen (artikel 534 Sv). Deze billijkheidstoets lijkt echter steeds vaker uit te monden in een strijd waar de gewezen verdachte zijn onschuld moet aantonen. Dat staat volgens ons haaks op de eerder verkregen vrijspraak of het eerdere sepot.

In dit artikel leggen wij dan ook de billijkheidsmaatstaven die in Nederlandse 530 Sv-procedures worden gehanteerd naast de EHRM-rechtspraak om duidelijk te maken dat de gehanteerde toetsing (in bepaalde gevallen) in strijd is of kan komen met de onschuldpresumptie. Gelet op die rechtspraak is het naar onze mening hoog tijd voor een meer marginale toetsing door de strafrechter van de kosten van rechtsbijstand waarin inderdaad billijkheid de boventoon voert.

Lees verder.