Skip to content

Hoge Raad: btw onderscheid particulieren en ondernemers in Besluit proceskosten bestuursrecht toelaatbaar

02 februari 2015

Het Besluit proceskosten bestuursrecht kent een forfaitaire regeling voor de vergoeding van proceskosten waarbij voor de btw geen onderscheid wordt gemaakt tussen ondernemers en particulieren. Particulieren hebben per saldo hogere kosten voor rechtsbijstand omdat ze de in rekening gebrachte omzetbelasting niet in aftrek kunnen brengen. In het arrest van de Hoge Raad van 21 november 2014 staat de vraag centraal of een dergelijke gelijke behandeling van ongelijke gevallen een schending van het gelijkheidsbeginsel oplevert en of deze vermeende schending toelaatbaar is.

De Hoge Raad gaat niet mee met dit standpunt van de belanghebbende. Niet iedere schending van het gelijkheidsbeginsel is verboden. Er is slechts sprake van discriminatie indien een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor de schending ontbreekt. De Hoge Raad acht een dergelijke objectieve en redelijke rechtvaardiging aanwezig bij de forfaitaire regeling voor de vergoeding van de kosten van rechtsbijstand. Naar het oordeel van de Hoge Raad heeft de wetgever heeft met het Besluit proceskosten bestuursrecht willen voorzien in een regeling tot toekenning van een tegemoetkoming in de kosten van rechtsbijstand en niet in een regeling tot vergoeding van de werkelijk gemaakte integrale (btw) kosten. Met de keuze voor een dergelijke eenvoudig toepasbare forfaitaire regeling is de wetgever in de ogen van de Hoge Raad niet buiten de hem toekomende ruime beoordelingsmarge getreden.