Spring naar content

Nader onderzoek wegens aangiftegedrag gemachtigde is niet willekeurig. Annotatie NTFR 2017/3012

Belanghebbende heeft een aangifte IB/PVV 2012 ingediend. Bij de aanslagregeling heeft de inspecteur de in de aangifte vermelde uitgaven voor levensonderhoud van kinderen en uitgaven voor specifieke zorgkosten niet in aftrek toegelaten en de gevraagde alleenstaande-ouderkorting niet verleend. In hoger beroep beslist het hof dat de onderhavige aanslag de definitieve aanslag betreft en dat deze derhalve niet hoeft te voldoen aan de vereisten van art. 16 AWR. Verder beslist het hof dat het feit dat de inspecteur bij zijn beslissing om nader onderzoek na aangiftegedrag belanghebbende te doen heeft meegewogen dat de gemachtigde van belanghebbende in door hem verzorgde aangiften aftrekposten als deze slechts heel beperkt met bewijsmiddelen pleegt te onderbouwen, niet maakt dat deze beslissing onrechtmatig, onredelijk of willekeurig is.

Lees hier de samenvatting van het artikel: Belanghebbende heeft een aangifte IB/PVV 2012 ingediend. Bij de aanslagregeling heeft de inspecteur de in de aangifte vermelde uitgaven voor levensonderhoud van kinderen en uitgaven voor specifieke zorgkosten niet in aftrek toegelaten en de gevraagde alleenstaande-ouderkorting niet verleend. In hoger beroep beslist het hof dat de onderhavige aanslag de definitieve aanslag betreft en dat deze derhalve niet hoeft te voldoen aan de vereisten van art. 16 AWR.

Verder beslist het hof dat het feit dat de inspecteur bij zijn beslissing om nader onderzoek naar de aangifte van belanghebbende te doen heeft meegewogen dat de gemachtigde van belanghebbende in door hem verzorgde aangiften aftrekposten als deze slechts heel beperkt met bewijsmiddelen pleegt te onderbouwen, niet maakt dat deze beslissing onrechtmatig, onredelijk of willekeurig is. Een redelijke verdeling van de bewijslast houdt in dat belanghebbende bescheiden moet overleggen of andere bewijsmiddelen moet aandragen die de rechter ervan overtuigen
dat aannemelijk is dat belanghebbende in 2012 in belangrijke mate heeft bijgedragen in het levensonderhoud van zijn kinderen.

Hierin is hij niet geslaagd. De door belanghebbende in zijn aangifte vermelde uitgaven voor specifieke zorgkosten komen, gelijk devrechtbank heeft beslist, niet voor aftrek in aanmerking. Het hof vult daarop aan dat uitgaven voor ‘leefkilometers’ aftrekbaar zijn als de belastingplichtige in verband met ziekte of invaliditeit extra uitgaven voor vervoer heeft ten opzichte van gezonde personen die overigens in dezelfde omstandigheden verkeren als belanghebbende. De stelplicht en de bewijslast met betrekking tot het aantal en de kosten van de ‘leefkilometers’ berusten bij de belastingplichtige. Belanghebbende is hierin niet geslaagd.

Lees verder: Nader onderzoek wegens aangiftegedrag gemachtigde is niet willekeurig. Annotatie NTFR 2017/3012Â