Skip to content

Nederlandse (voormalig) UBS-rekeninghouders ontvangen informatieverzoeken van Belastingdienst� wat te doen?

19 februari 2016

Eind vorig jaar werd in diverse media melding gemaakt van de jacht die de fiscus heeft geopend op Nederlandse (voormalige) rekeninghouders van de Zwitserse UBS Bank. De Belastingdienst heeft de Zwitserse federale belastingdienst (FTA) via een ‘groepsaanvraag’ verzocht om gegevens van (ex-) rekeninghouders te verstrekken met een spaartegoed van minstens € 1.500, aangehouden in de periode van 1 februari 2013 tot en met 31 december 2014.

Het verzoek is gebaseerd op het verdrag dat Nederland en Zwitserland in 2010 hebben gesloten over informatie-uitwisseling van bankgegevens van Nederlandse rekeninghouders in Zwitserland. UBS heeft haar (voormalige) klanten vervolgens op de hoogte gesteld van dit verzoek vanuit Nederland en gemeld dat zij verplicht is om hieraan medewerking te verlenen. Degenen die geen bezwaar hebben gemaakt tegen de informatie uitwisseling, zien zich nu genoodzaakt zichzelf te wapenen tegen de Nederlandse Belastingdienst. De Zwitserse Belastingdienst heeft namelijk van ongeveer 100 (voormalig) rekeninghouders informatie uitgewisseld met Nederland.

De Belastingdienst heeft op basis hiervan recent diverse Nederlandse (voormalig) rekeninghouders aangeschreven, die vermogen aangehouden (zouden) hebben bij de UBS Bank in Zwitserland. In deze brief wordt aangegeven dat de Belastingdienst een onderzoek is gestart naar Nederlandse ingezetenen die gerechtigd zijn geweest tot buitenlandse vermogensbestanddelen, waarbij het vermoeden bestaat dat in de ingediende aangiften inkomstenbelasting geen opgaaf is gedaan van deze vermogensbestanddelen en de eventuele opbrengsten daaruit. Ook wordt melding gemaakt van de betreffende nummerrekening. De Belastingdienst verzoekt deze rekeninghouders een “Verklaring vermogen in het buitenland” te retourneren om vast te stellen hoe het vermogen was opgebouwd c.q. is afgenomen en wat de herkomst van het vermogen is geweest.

Heeft u een dergelijke brief van de Belastingdienst ontvangen? Wij raden u het volgende aan.

Nu de Belastingdienst op de hoogte is van de identiteit van de Nederlandse rekeninghouders is inkeren voor deze groep in beginsel – helaas – niet meer mogelijk. Dit is echter telkens afhankelijk van de specifieke omstandigheden in uw geval. Afhankelijk van deze individuele omstandigheden kan er wel aanleiding zijn de dreigende navordering te beperken en de boete proberen te matigen. Voorts is het van belang zeer zorgvuldig en nauwgezet te opereren in de contacten met de Belastingdienst. Als advocaten zijn wij gespecialiseerd in deze informatieverzoeken en kunnen de gehele afhandeling – inclusief het achterhalen van bankstukken – voor u verzorgen. Voor de mogelijkheden en een vrijblijvend gesprek kunt u contact opnemen met Roelof Vos of Anke Feenstra.