Spring naar content

Onjuist, maar niet zonder meer bewust. Vaklunch.nl #473

11 mei 2022

Vervolging van fiscale fraude kent vele gedaanten, zo blijkt uit een arrest van hof Den Haag van 21 april 2022. Daarin verklaarde het hof (onder meer) bewezen dat de verdachte een valse brief had laten verzenden aan de Belastingdienst, omdat daarin volgens het hof een onjuiste vestigingsplaats stond vermeld. Maar was er wel sprake van opzet of was het gewoon onbewust onjuist?

Lees hier alvast een voorproefje:

Voor de Nederlandse vennootschapsbelasting is de fiscale vestigingsplaats bepalend voor de heffing. Artikel 4 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR) schrijft voor dat de vestigingsplaats naar omstandigheden wordt bepaald. Het gaat dus om een open norm. De relevante omstandigheden zijn uitgewerkt in de jurisprudentie. Kortgezegd volgt daaruit dat de plaats van feitelijke leiding bepalend is. Daarbij spelen onder meer de plek waar het bestuur zetelt en de plek waar kernbeslissingen worden genomen een rol.

In onze praktijk zien wij regelmatig dat een vestigingsplaatsdiscussie leidt tot beboeting of strafrechtelijke vervolging. De (vermeend) beboetbare of strafbare gedraging is dan het opzettelijk niet indienen van een aangifte vennootschapsbelasting (artikel 67d AWR / artikel 69 AWR). Een dergelijke boete of verdenking is alleen mogelijk indien de belastingplichtige was uitgenodigd tot het doen van aangifte. Bij gebreke daarvan zien wij vaak dat naar alternatieven wordt gezocht om tóch te kunnen beboeten of bestraffen.

Dat lijkt ook te zijn gebeurd in de zaak die leidde tot het arrest van 21 april 2022. Een uitnodiging tot het doen van aangifte vennootschapsbelasting voor de in het buitenland gevestigde vennootschap lijkt er niet te zijn. Een brief van de belastingadviseur bood uitkomst voor het kunnen vervolgen wegens valsheid in geschrift. Daarin werd toegelicht dat ‘voor zover bekend, de limited in het buitenland is gevestigd en materieel is gevestigd op Curaçao, aangezien daar het trustkantoor dat als directeur optreedt, gevestigd is’. Daarnaast had de verdachte nog in de brief laten opnemen dat de limited materieel op Curaçao was gevestigd en dat een derde betrokkene, die in het buitenland zou wonen, materieel zeggenschap had binnen de limited.

Lees er meer over in het artikel van Judith Gijsen op vaklunch.nl.