Spring naar content

Fiscaal strafrecht. DD 2020/63

In deze rubriek worden twee uitspraken van de Hoge Raad besproken, één over straftoemeting en de verdiscontering van niet in de tenlastelegging opgenomen belastingaangiften en één over het pleitbaar standpunt. Daarnaast bespreken wij diverse uitspraken van feitenrechters, waarbij onder andere de samenloop van het strafrecht en de fiscale informatieverplichtingen centraal staat, alsmede de uitleg van hetzelfde feit. Ten slotte staan we kort stil bij het internetconsultatiewetsvoorstel over het fiscaal verschoningsrecht.

Ondanks de coronamaatregelen aan ontwikkelingen in het fiscaal strafrecht geen gebrek.

Lees hier alvast een kort voorproefje:

De vraag welke feiten en omstandigheden de rechter mag betrekken bij zijn straftoemetingsoordeel is een lastige tegen de achtergrond van het strafvorderlijk voorschrift dat de rechter de vragen van de artikelen 348 en 350 Sv moet beantwoorden op grondslag van de tenlastelegging. In dat verband komt dan concreet de vraag aan de orde of, en zo ja hoe, de rechter bij de straftoemeting rekening mag houden met strafbare feiten die niet zijn tenlastegelegd. Voor zover het gaat om feiten die zogenoemd ‘ad informandum’ zijn tenlastegelegd is dat niet kwestieus nu uit bestendige rechtspraak volgt dat, indien de verdachte deze erkent, de feiten mogen worden meegenomen bij de straftoemeting en de verdachte in een dergelijk geval niet opnieuw voor deze feiten mag worden vervolgd.

Lees verder: Straftoemeting pleitbaar standpunt, Fiscaal strafrecht. DD 2020/63

Gepubliceerd door onze specialist:

Mr. A.A. (Anke) Feenstra