Het herstellen van een fiscale fout wordt door de Belastingdienst aangemoedigd. Vanuit deze gedachte is het daarom onder omstandigheden mogelijk om vrijwillig te verbeteren met een matiging of zelfs het achterwege blijven van de boete als gevolg. Dat blijkt ook uit een recent arrest van Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
In deze zaak was een verzuimboete opgelegd wegens het niet tijdig betalen van dividendbelasting over een dividenduitkering in 2019. Deze dividendbelasting was bij de dividenduitkering wel ingehouden door de inhoudingsplichtige. Op basis van de wet had de dividendbelasting binnen een maand na het tijdstip waarop de belastingschuld was ontstaan (het moment van de dividenduitkering) op aangifte moeten worden afgedragen. Het indienen van de aangifte dividendbelasting en het betalen van de dividendbelasting vond echter een kleine twee maanden later pas plaats. Oftewel: bijna een maand te laat.